In het licht van Sahar
admin | jul 23, 2010 | Reacties 9
Sahar Noor (27) vluchtte in 1994 naar Nederland. Na een studie religiestudies doet ze momenteel aan de Radboud Universiteit onderzoek op het terrein van vrouwenemancipatie en islam.
Door: de redactie van Nieuwemoskee
U komt oorspronkelijk uit Afghanistan, bent op uw elfde naar Nederland gekomen. Is het hebben van meerdere ‘identiteiten’ een voordeel of een nadeel?
“Het hebben van meervoudige identiteiten is volgens mij niet mogelijk. Ik geloof dat een mens slechts één identiteit heeft, die in mijn geval gebouwd is uit meer lagen dan de gemiddelde in Nederland geboren en getogen man of vrouw. Het is voor mij een verrijking. Ik begrijp ervaringen, interpretaties, meningen en gedachten vanuit verschillende perspectieven, omdat ik meerdere ‘culturele brillen’ tegelijkertijd kan opzetten. Hierdoor heb ik geleerd om mensen niet op eendimensionale wijze te beoordelen en te categoriseren.”
Hoe combineert u uw gelovig-zijn met de dagelijkse praktijk van wetenschap en onderzoek?
“In de formulering van deze vraagstelling proef ik een veronderstelling, namelijk dat religie in contradictie is met wetenschap. Zowel godsdienstigen als wetenschappers hebben deze dichotomie door de eeuwen heen bewust in het leven geroepen om verschillende redenen. Mijn inziens heeft deze veronderstelde incompatibiliteit tussen religie en wetenschap een directe relatie gehad met het behoud van of verkrijgen van macht. Er zijn bijvoorbeeld zogenaamde religieuze leiders die vanwege hun politieke machtspositie mensen bewust dom houden door wetenschappelijke progressie aan te duiden als het werk van de duivel en dat in de naam van God. Of bepaalde wetenschappelijke tendensen die van mening zijn dat wetenschap zich niet volledig kan ontwikkelen zolang er mensen op deze aardbol zijn die zich overgeven aan de wil van God, een entiteit die in wetenschappelijke zin niet te meten is. Ik ben zowel een religieus mens als een wetenschapper in wording. In mijn werkzaamheden zie ik niet hoe dat met elkaar tegenstrijdig kan zijn. Immers, dan zou je moeten veronderstellen dat mensen met een sterk nationalistisch, politiek of cultureel besef ook moeite zouden moeten hebben met het bedrijven van wetenschap!”
U doet onderzoek op het terrein van vrouwenemancipatie en islam. Wat is het doel van dit onderzoek?
“Ik probeer te achterhalen hoe moslimvrouwen in Nederland en België de islam een vrouwelijk gezicht aan het geven zijn. Dit doe ik door te kijken hoe bekeerde vrouwen tot de islam en geboren moslimvrouwen in zogenoemde ‘zustergroepen’ interacteren. Welke thema’s vinden zij belangrijk? Waarom? Hoe zien zij de toekomst van islam in Europa? Welke idealen streven zij na? Hoe uit vroomheid zich binnen die groepen? Hoe definiëren ze gender? Hoe ontstaat vrouwelijke religieuze autoriteit? Hoe wordt er door het bestaande religieuze establishment tegen aan gekeken? Kortom, kunnen we door vroomheid en devotie na te streven, door religieus terrein te claimen, ook een onbewuste strijd tegen dominante patriarchale structuren aantreffen? Ik wil dus de ontwikkeling van moslimvrouwen in Nederland en België in kaart brengen.”
U hebt in een eerder interview aangegeven ‘fan’ te zijn van Amina Wadud. Kunt u aangeven waarom?
“Klopt, dat heb ik inderdaad gezegd. Het feit dat zij als een religieuze vrouw een debat heeft aangezwengeld over de spirituele positie van vrouwen in islam, vind ik moedig. Haar strijd is tegen de dominante patriarchale opvattingen die vrouwen tegen heeft gehouden zich ook te verdiepen in de islam en religieuze ruimte te claimen. Bijvoorbeeld, in sommige patriarchale islamitische landen komen vrouwen vrijwel nooit naar de moskee. De moskee is voor vrijwel alle moslims bij uitstek de plek voor aanbidding, bezinning en het directe contact met God. In veel islamitische landen mogen vrouwen niet in moskeeën komen, omdat mannen dan tijdens hun contemplatie wellicht afgeleid kunnen worden. Op die manier is de moskee, het religieuze domein, een volledig no-go-area voor vrouwen geworden. Waar moet ze dan haar religieuze kennis opdoen? Hoe kan zij zich spiritueel ontwikkelen? Het idee is immers (zoals het in de vele Koranische sura’s luidt) dat het geloof voor man en vrouw is. ‘Oh gelovige mannen en vrouwen’. Deze hele discussie vind ik boeiend en ontzettend waardevol. Daarom waardeer ik zowel als gelovige en als wetenschapper de strijd van Wadud.”
“De koran is veel vrouwvriendelijker dan de meeste Nederlanders denken”. Bent u het eens met deze stelling?
“Als wetenschapper ben ik het wel eens met de stelling. Ik geloof dat alle heilige boeken (Bijbel, Torah of de Koran) op verschillende wijzen gelezen, herlezen en geïnterpreteerd kunnen worden. Zo ook vrouwvriendelijk, manvriendelijk, diervriendelijk en milieuvriendelijk.”
Tegenwoordig lijkt Nederland te bestaan uit 16 miljoen islamologen. Wat kan de wetenschap doen om het islamdebat in Nederland niet vooral over uitingen van (onderbuik)gevoelens te laten gaan, maar meer op feiten gebaseerde argumenten?
“Nou, dit vind ik een actueel thema dat veel meer aandacht moet krijgen. Helaas gaan feiten en onderbuikgevoelens soms hand in hand. Als bijvoorbeeld volgens een wetenschappelijk rapport blijkt dat radicalisering in Nederland aan het toenemen is, ontstaat er vrijwel direct angst voor moslims. Immers, ze kunnen allemaal wel geradicaliseerd zijn denkt men dan. Ik denk dat in eerste instantie we van het idee af moeten dat wetenschappelijk onderzoek alle feiten op een rij kan zetten; alle perspectieven, alle standpunten, alle meningen en alle interpretaties. Wel kan de wetenschap zich baserend op een onderzoek een tipje van de sluier lichten. Niet met generaliserende conclusies, maar gebaseerd op een onderzoek dat betrekking heeft op zoveel informanten in die en die regio. Wetenschap kan nuance in het debat brengen door aan te geven hoe groot of klein een conclusie van een onderzoek eigenlijk is.”
Wat wordt de belangrijkste bijdrage van moslims aan Nederland de komende periode?
“Als ik in diezelfde trant de vraag beantwoord, dan categoriseer ik en scheer ik alle moslims over één kam. Moslims zijn mensen net als ieder ander atheïstische, joodse of christelijke Nederlander. Ook zij streven een carrière na, zorgen voor hun gezinnen, onderhouden sociale contacten, houden feestjes en trouwen, hebben begrafenissen en worden werkloos en rijk. Ik zie niet één gemeenschappelijk iets waar ik alle moslims in Nederland onder één kap kan brengen, behalve dan dat ze in God geloven (en daar verschillen onderling ook de meningen weer). Kortom, ik vind de veronderstelling achter deze vraag iets ademen van het apartheidsdenken. Daar doe ik liever niet aan mee!”
Geplaatst in: Interview
Reacties (9)
Geef een reactie | Trackback URL
Geef een reactie
Spelregels:Voordat reacties worden geplaatst, worden ze getoetst aan de volgende criteria:
- Wees kritisch: Reageer inhoudelijk en niet op de persoon en onderbouw je reactie zoveel mogelijk met argumenten. Verwijs waar mogelijk naar concrete feiten en/of voorbeelden.
- Wees verfrissend: Geef vooral originele, frisse reacties die een nieuwe of andere kijk op het onderwerp geven. Wees kort (maximaal 400 woorden), krachtig en blijf bij het onderwerp (ontopic).
- Wees genuanceerd: Generaliseer niet waar dat niet past. Vermijd zwart-wit voorstellingen en wij-zij denken. Discriminerende, beledigende en (be)dreigende uitingen zijn niet toegestaan.


Loading...
Een aardig interview – met even aardige respons van de geinterviewde. M.n. de laatste vraag wordt verstandig geriposteerd. Want die gaat blijkbaar uit van de veronderstelling (die waarschijnlijk heel deze site beheerst)dat moslims iets bijzonders, iets méér, iets mooiers bij te dragen hebben aan NL dan bv. agnosten, boeddhisten, hindoeisten, ietsisten etc.
De voorlaatste vraag gaat ook al uit van een vreemde veronderstelling – van de vele honderden Nederlanders die ik ken, interesseert zich maar een klein deel voor de Islam, laat staan dat ze enige kennis van ‘de’ Islam pretenderen. Als men al op Wilders stemt (want die zal men wel bedoeloen) dan is dat meestal uit amorfe onvrede over veiligheid, zorg, onderwijs, uitkeringen etc. Verreweg de meeste Wilderianen zal de hoofddoek, de moskee en de islamitische school een zorg van bijna niks zijn. Maar dat die een boeiende verrijkking van het culturele landschap zijn geweest (zoals men ons probeert wijs te maken), willen zelfs de meest liberalen nauwelijks geloven.
Dat de immigratie van voornamelijk uit islamitische landen afkomstige medelanders Nederland sinds de jaren ’70 drastisch heeft veranderd, staat buiten kijf. Dat die een overwegend positieve invloed heeft gehad, is te betwijfelen. De vraag of dat 1 op 1 te relateren is aan de introductie van de Islam wel.
En de voorvoorlaatste vraag (en het antwoord) is onzinnig: wat is ‘vrouwvriendelijk’? wat is de ‘wetenschappelijke maat’ voor ‘vrouwvriendelijkheid’? Hoe kan dat in hemelsnaam onderzocht worden als men de respondenten niet eerst een mal examen in Koran-kennis afneemt?
ook @ E. Horsten
Mooi interview!
Ik herken me echter absoluut niet in het beeld dat vrouwen in de meeste islamitische landen niet naar de moskee kunnen gaan.
Wat betreft de vraag over de 16 miljoen islamologen, denk ik dat de vraag niet te letterlijk gelezen moet worden. Naar mijn mening klopt het echter wel dat tegenwoordig veel mensen een mening over de Islam klaar hebben, zonder dat ze over de nodige kennis beschikken. En het zijn juist deze mensen die vaak in de media zijn te vinden hetgeen heeft bijgedragen aan een eenzijdig beeld van de Islam.
En de laatste vraag dient, meen ik, gelezen worden als: wat (moet) de belangrijkste bijdrage van de moslims worden aan NL. Het is meer een oproep aan de moslims om actief een bijdrage te leveren aand e samenleving.
Ik snap dan ook niet hoe dhr/mevr Horsten uit deze vraag de veronderstelling proeft
“dat moslims iets bijzonders, iets méér, iets mooiers bij te dragen hebben aan NL dan bv. agnosten, boeddhisten, hindoeisten, ietsisten etc.”.
Ik betwijfel ook of de de aanname van E. Horsten dat “voor verreweg de meeste Wilderianen de hoofddoek, de moskee en de islamitische school een zorg van bijna niks zal zijn” wel klopt. Uit een peiling die gisteren door Eenvandaag onder de pvv-stemmers is gehouden, blijkt dat de PVV in de onderhandelingen absoluut moet vast houden aan 1) totale immigratiestop uit islamitische landen, 2) stop van de ontwikkelingshulp en 3) een bouwstop van moskeeën.
Ik wou het even over iets heel anders hebben. Wat zou het niet mooi zijn dan te stoppen om dwangmatig dagelijks 4 maal te bidden tot allah. In plaats van bidden zou je 4 keer een uurtje op bezoek moeten gaan bij mensen, die het al niet makkelijk hebben: zieken, armen, geïsoleerden en hulpelozen.
Leef nu, en besef, dat we het samen moeten doen. Ook de vernederende manier waarop vrouwen benaderd worden, is niet op zijn plaats in een samenleving waar we samen op deze planeet leven. Gelijkwaardigheid, en ook respect voor alle leven moet voorop staan. Ook dieren hebben recht op een plek op deze planeet. Het steeds maar weer aanroepen van wezens, die je verwensen als je ze niet eerbiedigt, is toch eigenlijk een vermoeden. Beleef je moslim zijn als hulpvaardig mens. Ook honden en varkens zijn zeer gewenst.
Overigens zou ik hetzelfde zeggen tegen andere streng-gelovigen. Een zekerheid is, dat alles hier op de planeet leeft om het goed te hebben, en niet onderdrukt te worden, omdat velen van standpunten uitgaan, die sommige(n) buitensluiten.
De sharia is zeer onprettig als rechtsinstrument, en wordt soms heel erg misbruikt door fanatiekelingen.
Open je hart en laat de wereld in je stromen. Die (wereld) bestaat in ieder geval.
@ Albert
Ik ben het er mee eens dat ik vele moslims ken die wel bidden, maar voor de rest niks aan goede doelen doen in de maatschappij. Maar je hoeft niet het gebed opzij te gooien voor goede doelen, in islam horen die twee juist hand in hand te gaan.
De Koran heeft het altijd over ‘geloven en goed doen in de maatschappij’(amanua wa amilu salihat), die twee komen honderden keren in die combinatie voor. Daarnaast is er in de Koran hoofdstuk/surah 107 die duidelijk zegt dat het gebed niks waard is als mensen geen goede daden doen:
Koran 107:1-7 Hebben jullie hem gezien die deze godsdienst/oordeel verloochent? Het is degene die de wees verstoot, Hij spoort anderen niet op om de armen te voeden. En wee degenen die bidden, En de gebeden corrupt maken (sahun). En zij, die dingen doen om gezien te worden. En zich er van weerhouden de basis behoeftes te geven aan anderen.
Albert Jan Harkema schreef:
“In plaats van bidden zou je 4 keer een uurtje op bezoek moeten gaan bij mensen, die het al niet makkelijk hebben: zieken, armen, geïsoleerden en hulpelozen.”
Commentaar:
Moslims bidden niet 4x een uurtje. Praktiserende soennieten bidden 5x per dag 5 a 10 minuten. Shi’ieten voegen 2 van de 5 gebeden samen naar 3 bidmomenten per dag. Bij elkaar bidt een praktiserende moslim gemiddeld een half uurtje per dag (24 uur). Lijkt me niet te veel. Die momenten zijn JUIST bedoeld om je de waarde van het NU te beseffen en aan de illusie van voortgaande tijd te ontsnappen. Je kritiek op te weinig medeleven en compassie lijkt me wel terecht. Ik zou zeggen dat het probleem van de hedendaagse mens die in de hectische wereld leeft, waar tijd geld is ipv een onbetaalbare kans, niet is dat hij te veel bidt, mediteert of rust momenten neemt maar juist te weinig van deze rust en vrede heeft om mee terug naar de wereld te brengen.. de onrustige van zichzelf vervreemdde ziel lijkt zich te weinig om zijn medemens te bekommeren en laat zich opjagen door de “tijd”.. Mvg
@ Arnold Yasin en Kamel – Is Albert Jan’s comment niet eerder een pleidooi voor de menselijke maat en humanisme, dan een kritiek op de praktijk van het dagelijks gebed? Hij noemt de sharia een ‘zeer onprettig rechtsinstrument’. En uit de Iraanse theocratische praktijk moet ik hem wel gelijk geven. De vraag is dus: moet de (anders denkende) medemens niet altijd voor gaan op God? Of nog ruimer: moet de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens niet altijd voorgaan op de heilige Qur’an?
J schreef:
Hij noemt de sharia een ‘zeer onprettig rechtsinstrument’. En uit de Iraanse theocratische praktijk moet ik hem wel gelijk geven.
Commentaar:
De situatie in de “islamitische republiek” is zeer kwalijk. De veronderstelling is echter dat er één interpretatie van de sharia bestaat, bijv. de Iraanse. Dat is niet zo. Zie bijv. artikel van Shahrur bij verdieping. Er zijn trouwens ook veel landen die zich “democratisch” noemen maar dat naar ons begrip van democratie bij verre niet zijn.
J schreef:
De vraag is dus: moet de (anders denkende) medemens niet altijd voor gaan op God? Of nog ruimer: moet de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens niet altijd voorgaan op de heilige Qur’an?
Commentaar:
U schetst een vals dillema. Door de veronderstelling dat in de islam God voor de medemens zou gaan en dat de Koran monointerpretabel is en in strijd is met de mensenrechten. In de islam geldt dat God behoefteloos is en hulp geven aan hulpbehoefden een plicht. Wie God wil dienen, diene de mens: “Allah (de Almachtige en de Verhevene) zal op de Dag der Opstanding zeggen: O zoon van Adam, Ik voelde mij ziek en jij hebt Mij niet bezocht. Hij zal zeggen: O Heer, en hoe had ik U moeten bezoeken terwijl U de Heer der werelden bent?Hij zal zeggen:Wist je niet dat Mijn dienaar, die en die, ziek is geworden en je hem niet bezocht had? Wist je niet dat als je hem bezocht had, je Mij bij hem aangetroffen zou hebben?(..)”[Muslim]
Mvg Kamel
Dank voor uw reactie. Ik ben blij dat u (met mij) geen dilemma ziet tussen de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de heilige Qur’an. In mijn visie gaat in ieder heilig boek de medemens voor op God. Anders gezegd: “De Sabat is er voor de mens, en niet de mens voor de Sabat.” De visie van Muhammad Shahrur (een nieuwe context vraagt om een nieuwe interpretatie) lijkt me inderdaad juist. Blijft de vraag: hoe krijgen we de (zich op de Islam beroepende) ayatollah’s zover om hun anders denkende medemens wat geluk te gunnen? Misschien geeft Reza Aslan het antwoord.
“Tegenwoordig lijkt Nederland te bestaan uit 16 miljoen islamologen”..
Met begrip voor deze veronderstelling, maar toch het volgende: in nederland komt de Islam meer prominent naar voren dan tientallen jaren geleden het geval was. Door allerlei in het oog springende gebeurtenissen. Enkele van deze gebeurtenissen leken of lijken er op te wijzen dat de niet moslim-nederlander benaderd werd en wordt als ‘de onbekeerde’, in plaats van als medelander. Net zo goed als dat de moslim medelander benaderd werd en wordt als ‘de prediker die de Islam wil verspreiden, goed of kwaadschiks’. Ik denk dat in dit element: ‘het ogenschijnlijk willen bekeren’ een hoop verwarring kan schuilen. Want dat kan een ervaren gevoel van (gewetens- en geloofs)vrijheid van de andersdenkende onder druk zetten. Dit element vertroebelt mogelijk ook de discussies met de moslim, of met welke gelovige dan ook wanneer degene zijn geloof ferm uitdraagt of verdedigt. Verder vind ik het een mooi en interessant interview. Met vriendelijke groet,
Linda